Dit wordt een druk dagje. Ik wil weer uitbreiden en zaterdag is ook de dag dat ik altijd naar de bibliotheek in stad ga en broodjes en twee haringen haal op de markt. Vandaag voelde ik daarbij toen spierpijn en ik liep een beetje mank. Die vermaledijde achillespees. En ik doe toch zo braaf mijn oefeningen.
Ik word vandaag ingehaald door een jonge vrouw die er hardlopend flink de sokken in heeft. Tot mijn verbijstering kom ik haar aan de andere kant van het Weerwater weer tegen als ik richting A6 ga voor mijn uitbreiding. Die dame loopt het hele rondje hard, Ze lijkt nu nog sneller te gaan.
Hardlopen zit er voor mij niet meer in. In mijn jongere jaren liep ik buiten veel hard. In Muziekwijk kwam er een agressieve loslopende herder rennend op me af. Ik bereidde me al voor op de aanval. “Ga maar aan je baasje vragen of je vast mag”, schreeuwde ik in paniek. De hond stopte, maar het baasje deed er een schepje bovenop. Hij zou mijn bek wel eens verbouwen. Gelukkig was ik in die tijd nog snel en koos de nooduitgang.
Ik ging in de sportschool hardlopen op de loopband. Een paar keer per week 8 kilometer. Totdat een oorverdovende pijn in mij knie alles verpestte. De huisarts stuurde me voor een foto naar het ziekenhuis en de chirurg vond dat ik een nieuwe knie moest. Ik weigerde. “Misschien kan je met fysio je pezen versterken”, zei hij, “om de boel bij elkaar te houden.”
De fysio was een wondermiddel, de knie hield het prima. Maar het was wel afgelopen met hardlopen.
Mijn knieën houden het prima tijdens het wandelen. Geen pijn, zelfs geen steekje. Ik lees in een wandelboek dat je met hardlopen, zeker op asfalt, veel blessuregevoeliger bent dan wandelen. Nu mijn achillespees nog. Ik doe nog steeds drie keer per dag mijn oefeningen.
Na 1 uur en 44 minuten lig ik weer op de bank.
Morgen deel 12