Ik moet wat doen aan mijn conditie. Het lijf dijt uit. Ik gooi het op mijn leeftijd: 73. Oude mensen worden dik. En ja, ik fiets veel, maar elektrisch. Dat schiet ook niet op.
De sportschool is niks voor mij. Vaak geprobeerd en ik vond het saai. Andere sporten zijn niet meer aan mij besteed. Vroeger was ik een fanatiek voetballer. Maar walking football voor bejaarden? Nou nee.
Walking? Het triggert me. Wandelen?
Ik lees een boek van een vrouw die de Camino Santiago de Compostela liep. Zie hield een dagboek bij. Erg leuk om te lezen. Maar… brugje te ver voor mij. En al die diepzinnige gesprekken onderweg met medepelgrims en op zoek naar God of je eigen ware zelf? Nou nee.
Maar walking?
Wandelen. Dat kan toch niet zo moeilijk zijn? Ik lees in het boek dat de eerste stap de moeilijkste is. Maar waar ga ik hier in Almere wandelen? Ik wil vertrekken vanuit huis, de Boomgaardweg in Parkwijk. Via de website Visit Almere kom ik op het Rondje Weerwater, klein 5 kilometer, groot 7 kilometer. Dat moet een makkie zijn.
De volgende ochtend trek ik mijn oude versleten hardloopschoenen aan (zeker 25 jaar oud), korte broek aan, oud T-shirt en een vest van de Zeeman. Sportief Robbie is er klaar voor.
Ik ga de deur uit op weg naar het Weerwater. De eerste honderd meter speelt meteen mijn rechter achillespees op. Een blessure die ik opliep tijdens onze campervakantie van twee maanden waarin ik vrijwel alleen op plastic slippers liep. Zo onverstandig.
Ik loop over de Boomgaardweg naar het Nathalie Woodpad en vervolg dat langs het water naar het Fongerspad bij het Lumièrepark. Ik bereik dat pad na iets meer dan een kilometer.
En moet dan omkeren. Ik kan niet meer.
Ik kom vandaag niet eens bij het Rondje Weerwater. Uiteindelijk slechts 2,3 kilometer gelopen in een half uur.

Thuis zoek ik oefeningen op voor mijn achillespees en besluit door te zetten. Maar ik neem wel een rustdag. Man-o-man, wat een sportman ben ik.
(Morgen deel 2 van mijn dagboek)