Natuurlijk maakte ik als schrijvende journalist bij de krant fouten. Soms was een naam verkeerd gespeld en soms was de geïnterviewde ontstemd over mijn artikel. Alle interviews nam ik altijd op met een recordertje. Zo kon ik altijd bewijzen wat er echt gezegd was. Een wethouder riep een keer: Ik heb het inderdaad gezegd wat je schreef, maar ik bedoelde het anders.
Ik – ook niet van gisteren – zei dat ik dan het mp4-geluidsbestand van het gesprek bij de krant online zou zetten.
Nou, dat was volgens de wethouders ook weer niet de bedoeling. Kortom, heisa. Maar om nou te zeggen dat het een fout was…. Nee, dat weer niet.
Dan mijn filmpjes.
Ik ga altijd op de fiets op pad. Rugzak met spulletjes op de rug en twee opvouwbare statieven in de fietstas. Alles bij me voor het maken van filmpjes.
Mijn beginnersfout was dat ik bij een filmpje dacht dat ik aan het opnemen was, maar thuis stond er niks op het SD-kaartje. Vergeten de opname-knop in te drukken. Hop op de fiets terug. Gelukkig had de geïnterviewde nog tijd.
Meer beginnersfouten bij het inpakken van mijn rugzak als ik klaar met opnames was. Ik liet een spoor van kabeltjes en aansluitstukjes op de locaties achter. Zelfs een keer mijn mobiel waar ik mee filmde. Ik maakte veel fietskilometers in die tijd.
Naamtitels is ook zo’n ding. Echt tien keer nagekeken en toch een fout zien na het online zetten. Mijn brein ziet blijkbaar de goed gespelde naam terwijl hij echt verkeerd stond.
Ik hoor van veel collega-mobile-filmers dat het allemaal herkenbaar is. Gelukkig heb ik alles al een jaartje onder controle. Een afvinklijst voor inpakken, een voor opnemen, en een voor inpakken.
Editen doe ik altijd zelf in het programma Filmora. Dat programma is eenvoudig maar heeft desondanks veel mogelijkheden.
Uiteindelijk is het met mijn voornemen bij mijn afscheid bij Almere DEZE WEEK om filmpjes te gaan maken allemaal goed gekomen.
Het was een leerproces,
Lees dat volgende keer in deel 4: Live in de uitzending.
